KENNISCENTRUM SOCIALE INNOVATIE

PARTICIPATIE ZORG EN ONDERSTEUNING

Lectoren Jean Pierre Wilken en Doortje Kal

Persoonlijk profiel Jean Pierre Wilken

‘Anders zijn, maar ook gelijk’: al mijn levenlang ben ik gefascineerd door dat thema. Het vormde de basis van mijn studiekeuze en inspireerde mij als zorgverlener, onderzoeker en docent. En toen ik in 2002 lector werd, was het de grondslag van mijn belangrijkste onderzoeksvraag: hoe zorg je ervoor dat mensen met een beperking toch zo goed mogelijk kunnen participeren in deze maatschappij? Want ieder mens, hoe anders ook, hoort erbij en verdient respect.

Fascinatie met mensen die ‘anders zijn’
Het begon in mijn jeugd, toen ik opgroeide in het opvanghuis dat opgezet was door mijn ouders. Een kleinschalige gemeenschap, waar paradijsvogels van allerlei pluimage voor kortere of langere tijd onderdak vonden. Mensen met psychiatrische en verstandelijke beperkingen, verslaafden, zwervers, alleenstaande moeders met hun kind, of gewoon mensen die nergens in pasten. Er was geen professionele logica. Wat centraal stond was het idee van wederzijdse betekenisgeving en onderlinge hulp: iedereen kan iets betekenen voor de ander. Dat gemeenschapsdenken hadden mijn ouders meegekregen als vrijwilligers bij de Franse priester Abbé Pierre, stichter van de wereldwijde Emmausbeweging. Zijn gedachtegoed vormde de grondslag voor hun werk, en inspireert mij nog steeds.

Ieder mens is een kwetsbaar wezen
Toen ik later sociale wetenschappen en psychologie ging studeren, bleef ik geboeid door ‘anders, maar ook gelijk’. Ik verdiepte me in fenomenen als psychiatrische aandoeningen en dak- en thuisloosheid. Hoe waren deze fenomenen ontstaan en wat betekenden ze voor de betreffende personen? En vooral: wat kon de rol van hulpverlening hierin zijn? Ik combineerde mijn studie met een baan als begeleider in een beschermde woonvorm en zocht naar vormen om mensen te begrijpen in hun anders-zijn. Daarbij had ik van huis uit meegekregen om ieder mens, dus ook mensen die anders of vreemd zijn, met hetzelfde respect te benaderen. In de basis zijn we immers allemaal kwetsbare wezens, met hetzelfde verlangen naar gezondheid en geluk. Of het je goed gaat of minder goed wordt slechts gescheiden door een dunne lijn, en is grotendeels afhankelijk van toeval.

Rehabilitatiebenadering biedt mogelijkheden
Na, in verschillende hoedanigheden, jaren gewerkt te hebben in de zorg, verplaatsten mijn activiteiten zich gaandeweg richting onderzoek, ontwikkeling en onderwijs. Ik richtte me op de zorg voor kwetsbare mensen en het werd mijn missie om die zorg te verbeteren. Zo raakte ik in de jaren tachtig geïnspireerd door de rehabilitatiebeweging in de Verenigde Staten, Engeland en Italië. Deze beweging bood naar mijn idee mogelijkheden om ook de zorg in Nederland te vernieuwen. Samen met anderen heb ik de rehabilitatiebenadering in Nederland geïntroduceerd en er veel onderzoek aan gewijd. In de jaren negentig ontwikkelde ik met Dirk den Hollander de methodiek van het Systematisch Rehabilitatiegericht Handelen. Inmiddels wordt deze methodiek al jaren door veel professionals gebruikt en heeft hij zijn waarde in de praktijk bewezen.

Het belang van steun uit de omgeving
In 2002 werd ik benoemd tot lector aan de Hogeschool Utrecht. Mijn leerstoel richtte zich op reїntegratievraagstukken voor mensen met een beperking. Daarbij lag de focus op de zogenaamde ‘community support’, ofwel de steun die vanuit de omgeving en de samenleving nodig is om integratie mogelijk te maken. Hiermee sloot deze leeropdracht aan bij de geleidelijke verschuiving die er de laatste tien jaar in mijn aandachtsgebied had plaatsgevonden. Namelijk van de aandacht voor een individuele cliënt naar de aandacht voor de samenleving. Uit allerlei onderzoek blijkt namelijk hoe belangrijk het is om veel te investeren in het toegankelijk en ‘steunend’ maken van de (woon- en werk)omgeving van mensen.

Verbinding tussen zorg, ondersteuning en participatie
In 2007 werd de naam van mijn leerstoel gewijzigd in ‘Participatie, Zorg en Ondersteuning’. Deze naam geeft goed aan waar we ons in het lectoraat mee bezighouden, namelijk de verbinding tussen zorg, sociale en maatschappelijke ondersteuning, en participatie. Daarbij ligt de nadruk op de professionele inzet die nodig is om mensen met beperkingen mee te laten doen in de samenleving. Zo bouwen we met het lectoraat aan een supportmodel, waarin veel ideeën uit de psychosociale rehabilitatie terugkomen. Ook houden we ons bezig met de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de ‘caring community’ die daarin een belangrijke rol speelt. Deze wet biedt alle kansen voor de supportbenadering, maar brengt ook het risico met zich mee dat de meest kwetsbaren juist de steun mislopen die voor hen zo belangrijk is. Daarom volgen we het overheidsbeleid kritisch en ontwikkelen we toegepaste vormen van support voor wijkgericht werken.
 

Meer informatie

Lees meer over:

Of bekijk mijn curriculum vitae.